| Vorige periode | Geschiedenis overzicht | Staatshoofden | Homepage

De Habsburgers (1500 - 1567)

Centralisme en streng toezicht op het naleven van de katholieke geloofsregels kenmerken het bestuur in het Habsburgse rijk. Het wordt de voedingsbodem van een langdurige opstand in de noordelijke Nederlanden.

1500: geboorte van Karel V.
Karel V, de latere heer der Nederlanden (1506), koning van Spanje (1516) en keizer van het Duitse rijk (1519) wordt geboren.

1533: geboorte Willem van Oranje.
Op Slot Dillenburg in het Duitse Nassau wordt de oudste zoon Willem geboren, die op elfjarige leeftijd het Zuid-Franse prinsdom Oranje en aanzienlijke goederen in de Nederlanden erft van zijn neef René van Châlon. De jonge Prins Willem van Oranje groeit op aan het hof van Karel V in Brussel, om hem te vrijwaren van Duits-protestantse invloeden.

1548: de eerste stadhouders.
De oprichting van een Bourgondische Kreits is de bekroning van Karels politiek om de Nederlanden in zijn greep te krijgen. Voor het eerst zijn zeventien Nederlandse gewesten (tien zuidelijke en zeven noordelijke, waaronder Friesland, het Groningerland, Gelre en de gebieden van de Utrechtse bisschop) in één verband verenigd. Stadhouders (plaatsvervangers van de vorst) komen aan het hoofd te staan van de gewesten.

1555: Filip II komt aan de macht.
Karel V draagt in Brussel de regering over aan zijn zoon Filips II. Filips, fel anti-protestants, blijft hoge belastingen eisen, ondanks de sociaal-economische depressie in deze periode.

1556 -1557: hongersnood en pest.
Door een zeer droge zomer zijn de meeste oogsten verloren gegaan, een hongersnood is op komst. In Den Bosch was de hongersnood zo groot dat mensen het afval van de bierbrouwerijen aten, in Delft en in andere steden heerste de pest (de laatste grote pestepidemie in Nederland). Na deze rampen volgde ook nog het Staatsbankroet, elke handelsman liep in het buitenland het risico gegijzeld te worden om zo een deel van de staatsschuld te innen.

1559: Margaretha van Parma volgt Filip op.
Filips II vertrekt voorgoed uit de Nederlanden. Filips' halfzuster, Margaretha van Parma, wordt landvoogdes.

1566: de geuzen.
Hoge graanprijzen, met hongersnoden tot gevolg, leiden tot een geladen stemming in de gewesten. Een Verbond van (driehonderd) Edelen wendt zich tot de landvoogdes met een smeekschrift, waarin zij 'moderatie' vragen: minder belasting, meer religieuze vrijheid. Een vooraanstaand adviseur van de landvoogdes, graaf Berlaymont, zou daarbij de beroemde woorden hebben gesproken: "Ce ne sont que des gueux.' ("Het zijn slechts bedelaars.') De woorden geuzen en geuzennaam vinden hier hun oorsprong.

1566: de beeldenstorm.
Op 10 augustus wordt in de West-Vlaamse plaats Steenvoorde de eerste katholieke kerk geplunderd. Deze Beeldenstorm verspreidt zich in twee maanden over de Nederlandse gewesten.

1567: Alva en de Spaanse inquisitie.
Hoewel de rust inmiddels is teruggekeerd, arriveert in augustus een leger van 10.000 Spaanse en Italiaanse huurlingen onder leiding van de Hertog van Alva. Een speciale rechtbank, de Raad van Beroerten (bloedraad), velt 1.100 doodvonnissen tegen "ketters'.

 

| Volgende periode | Geschiedenis overzicht | Staatshoofden | Homepage